Henk Krijnen: overtuigend romandebuut

Het boek “De verloren jaren van Martin McGrew” wordt door de auteur voorzien van het etiket “een biografie”. Dat is het boek beslist ook. Maar dan wel op een bepaalde manier. Het is in feite een Bildungsroman, een stevig uitgevoerde zoektocht – met literaire pretenties – naar wat de auteur zelf ziet als de essentie van de levensgeschiedenis van de hoofdpersoon, naar de persoonlijke en morele keuzes ook die daarvoor richtinggevend waren. En het is ook een Bildungsroman omdat het een poging is tot het afleggen van verantwoording hierover.

Gezegd moet worden, de kans op mislukken bij dit soort ondernemingen is groot, zeker als het boek – net als in dit geval – een sterk autobiografische inslag heeft. Vaak maakt de desbetreffende auteur, sowieso als deze – net als Huinder – de eerste stappen op het literaire schrijverspad zet, een fikse uitglijer. Of de tekst is zo autobiografisch dat de meeste levendigheid eruit geperst wordt, zodanig dat de meerledigheid en meerduidigheid verdwijnen, en een plat beeld over de eigen levensloop wordt voorgeschoteld. Of de eigen belevenissen worden stilistisch opgefleurd, zodat een literair wanproduct ontstaat. Aan deze manco’s lijdt deze roman gelukkig niet.
Een kritiekpunt is dat de teksten hier en daar te langdradig zijn – als gevolg van een te lang volgehouden beschrijving of een net iets te overmatig gebruik van qualifiers. Daar staat tegenover dat de constructie van het boek overtuigt. De hoofdstukken met actuele beschrijvingen en met flash backs wisselen elkaar van begin tot eind af in de roman. Dat die constante variatie in tijdsperspectief niet gaat tegenstaan, maar juist prikkelt tot doorlezen, is een goede prestatie. Knap is ook dat de verhaallijn duidelijk blijft. Bovendien kent het boek een onverwachte apotheose.
Naar boven

Tussen de klippen door
De auteur weet tussen twee gevaarlijke klippen – een platte weergave van de eigen levensloop en krampachtige schoonschrijverij – door te laveren. Hij weet tamelijk indringend woorden en beelden te vinden voor het dramatische kernthema van zijn leven: de gedwongen vroegtijdige totale scheiding van zijn moeder en halfscheiding van zijn vader. Zijn worsteling is die van een verweesde jongen (‘John Derks’) die moet opgroeien met de liefdeloosheid van zijn ouders en die – noodgedwongen maar ook uit vrije keuze – in feite zichzelf opvoedt in een wereld waarin hij grotendeels buitenstaander en toeschouwer is.
Meestal zijn teksten over dit soort onderwerpen weinig verteerbaar. Niet alleen omdat uit persoonlijk leed vaak onleesbare teksten ontspruiten, maar ook omdat de auteur in kwestie zichzelf rechtvaardigt, pijnlijke voorvallen en emoties wegpoetst, een gering zelfinzicht aan de dag legt, of erger nog: zich wentelt in zelfbeklag. Aan dit soort risico’s weet Huinder te ontsnappen. Hij blijkt over voldoende afstand en reflexief vermogen te beschikken om niet in deze valkuilen te trappen. Sentimenteel is zijn roman in geen enkele bepalende passage. En het allerbelangrijkste is: hij weet het spannend te houden.
Hij neemt de lezer mee op zijn speurtocht naar de – door hem ongekende – bronnen van zijn leven: zijn ouders die hem in de steek lieten en die hij in het ene geval (zijn moeder) nooit gekend heeft en met wie hij in het andere geval (zijn vader) een sporadisch en zeer onbevredigend contact onderhield.
Naar boven

Algemene thema’s
Het boek raakt aan een aantal algemene levenskwesties. Verbazingwekkend is het hoe lang John Derks een persoonlijke melt down voor zich uit weet te schuiven. Tot ruim in zijn 57ste levensjaar zelfs. De auteur laat Derks in de openingspassage van de roman zijn eigen opdracht formuleren: ”Een leven dat hij achterwaarts zou moeten afleggen. Hij wist dat hij dat kon en wilde. Een woelende rat in zijn ingewanden had hem erop voorbereid. Eens moest de bel voor de expeditie voor het verdelgen van het dier luiden.”
Een vraag die bij lezing van het boek voortdurend bij mij opkwam, is: hoe lang is het mogelijk om een dergelijke – toch tamelijk onvermijdelijke – persoonlijke crisis uit te stellen? En dat terwijl deze toch duidelijk nadert; hij zit maar net onder de oppervlakte. Iedereen ziet ‘m aankomen, behalve de hoofdpersoon zelf. Zo lijkt het.
Heeft het te maken met één van de allermenselijkste eigenschappen: pijnvermijding? Het meest voor de hand liggende antwoord is: terugblikken op verlating door ouders doet misschien teveel zeer. Waarom een dergelijke oude wond openrijten? Het roept herinneringen op waarmee je als min of meer gearriveerde man van meer dan middelbare leeftijd helemaal niet geconfronteerd wenst te worden. En daar komt bij: kan een dergelijk elementair gemis eigenlijk wel goed verwerkt worden? Het lijkt beter om er met een boog omheen te leven. Want: persoonlijke waarheidsvinding vergroot niet automatisch het zielenheil; in weerwil van wat we graag denken.
Of is de crisisvermijding van Derks niet alleen een langdurig na-ijleffect van liefdeloosheid en emotionele verwaarlozing in de jeugdjaren? Is dat een te makkelijke verklaringsgrond? Ligt het bijvoorbeeld aan de veeleisendheid van het moderne middenklasse-leven en de persoonlijke keuze van de hoofdpersoon om hierin op te gaan? Een hectisch bestaan waarin te weinig ruimte aanwezig lijkt om je rekenschap te geven van dit soort loodzware ervaringen in het verre verleden kan ook fungeren als ontsnappingsroute. We weten dat John erin geslaagd is om een min of meer geslaagde loopbaan op te bouwen. Ik kan me zo voorstellen dat iemand met een valse start als John Derks zijn beroepsmatige taken in het leven gewetensvol en met inzet wil vervullen. Voor een deel misschien ter compensatie van wat hijzelf moest ontberen.
Een en ander kan leiden tot een druk bezet bestaan, tot een ‘vol leven’ dat eisen stelt waaraan van dag tot dag tegemoet moet worden gekomen. Waarom ongemak toelaten? Het gaat toch immers goed, het pad der opwaartse mobiliteit leidt tot meer levensgeluk. Ja toch? John heeft inmiddels een succesvol bestaan als vertaler opgebouwd en heeft een eigen bedrijfje opgezet. Misschien is dit zijn grootste verdienste. Bestaanszekerheid, maatschappelijk aanzien en vastigheid in het privéleven. Wat wil je nog meer met een dergelijk pijnlijk begin van het leven? Waarom zou je je verworvenheden op het spel zetten en het jezelf onnodig lastig maken?
Naar boven

Ambivalent spel
Maar wat is de prijs van zo’n ontwijkende levenshouding? Er is dat knagende gevoel dat er iets niet klopt. Maar wat als je al zo lang om de hete brij hebt heen gedraaid, en je dat eigenlijk best ook wel weet? Dat maakt het misschien nog lastiger. Elk jaar opnieuw wordt het moeilijker, de excuses liggen voor het oprapen. Maar het blijft rommelen. Derks kampt met de angst dat de liefdeloosheid die hij als kind heeft ervaren zijn vermogen tot liefhebben op latere leeftijd heeft aangetast. Een begrijpelijke gedachte. Maar klopt het ook?
De bevrijding van John Derks heeft iets dubbels. Op het eerste gezicht wordt het spel niet door hemzelf op de wagen gezet. Er is een gebeurtenis van buitenaf (een onverwacht telefoontje) voor nodig om de crisis te laten ontbranden. De trigger was extern. Is dat zo? Ogenschijnlijk wel. Maar zit John Derks heimelijk niet toch zelf aan het stuur? Dat is goed mogelijk. Bij Derks waren misschien al geruime tijd de inzichten aanwezig dat er iets fundamenteel mis was. De indruk dat deze pas in de nasleep van zijn crisis ontstonden, is wellicht vals. Speelde John Derks een spel met zichzelf? Wist-ie het wel wat onder zijn huid zat, en hoe hij zich vruchteloos tegen het onvermijdelijke verzette, maar vond-ie het stiekem toch wel prettig om met zijn ‘persoonlijke mysterie’ te leven? Het gaf zijn leven wel een dramatische ondertoon en zijn bevrijdingsdaad – zeker zo vlak voor zijn pensioen – wel een romantische inslag. Moest hij eerst een ander bestaan opbouwen, en was hij er naar zijn eigen gevoel dán pas klaar voor? Het zou kunnen zijn dat hijzelf expres de spanning heeft opgevoerd. Dééd-ie het erom? Wilde hijzelf een dramatisch moment creëren, en daarmee – via een omweg – de regie houden?
Naar boven

Herinneringskracht
Een interessante vraag is: leidt gebrek aan liefde en aandacht niet alleen tot de onbekwaamheid om zelf lief te hebben maar ook tot verlies aan herinneringsvermogen? Misschien is dat laatste nog erger. Want zonder al teveel binding kunnen we nog wel een manier vinden om te (over)leven, maar zonder wortels in een herkenbare geschiedenis, zonder persoonlijke identiteit, kunnen we niet bestaan. De uitkomst in dit opzicht is voor Derks geruststellend. Zijn geheugen is nog volledig intact, want hij kan zich nog vrij precies belangrijke gebeurtenissen en gemoedsstemmingen van indertijd voor de geest halen. Hoe zit dat? Je zou zeggen: hoe pijnlijker het herinnerde, hoe eerder het gebeurde wordt vergeten. Anders gezegd: hoe scherper de herinnering, des te moeilijker de confrontatie ermee. Bij hem is het omgekeerde het geval. Had hij dan toch gelijk om een uitgesteld bestaan te leiden en pas in een later levensstadium een expeditie naar zijn verleden te starten?
Naar boven

Vage omgeving
Al sinds zijn vroege kinderjaren heeft John Derks gekozen voor zijn innerlijke ontwikkeling. Door te bouwen aan een rijk gevoels- en gedachteleven heeft hij geprobeerd om zijn ‘authenticiteit’ te bewaren. Hij heeft in moeilijke omstandigheden een zeer persoonlijke route uitgestippeld. Zijn eigenzinnigheid heeft hem in zekere zin immuun gemaakt voor zijn omgeving. Hij is daardoor een krachtige persoonlijkheid geworden, maar de keerzijde daarvan is een tot op hoge leeftijd volgehouden distantie tot wat hem omringt.
Dit individualisme komt tot uiting in de manier waarop hij zijn omgeving percipieert. Hij groeit op als bijna-weeskind in het zuiden van de jaren vijftig en zestig, in Tilburg om precies te zijn. Hij wordt volwassen in een zeer katholieke context (weeshuis en seminarie) en bepaald niet in de hogere klasse. Opvallend is Derks’ sterk individuele beleving van het katholicisme. Hij ontwikkelt een hoogstpersoonlijke, moreel verheven interpretatie van dit rijke geloof dat veel ruimte laat voor eigen projectie. Een ander markant gegeven is – hoewel hij zeker in de marge van de samenleving opgroeit – dat zijn culturele oriëntatie zeker niet klassebepaald is.
In feite is Derks freischwebend. Hij behoort tot geen enkele wereld, behalve die van hemzelf. Blijven daardoor de schetsen van zijn omgeving wat vaag en indirect? Maar wie deze beperking accepteert, krijgt door de ogen van deze wanhopige, maar ook dappere jongeling toch een scherp beeld van het diepe katholieke zuiden in de nadagen van het Rijke Roomse Leven. Ook de negatieve gevolgen van de Tweede Wereldoorlog en het kolonialisme voor het leven van hem en zijn ouders worden goed voelbaar gemaakt.
Naar boven

Liefdeloze ouders?
Derks’ individualisme stempelt zijn manier van kijken en duiden. Wellicht werkt dit ook door in het beeld dat hij van zijn ouders heeft. Zijn perspectief lijkt daardoor wat vertekend. Derks’ overheersende gevoel lijkt te zijn: liefdeloze ouders hebben mij verwaarloosd. Gezien zijn ervaringen neigt hij tot deze wat egocentrische interpretatie. Maar wie de roman goed op zich laat inwerken, ziet dat Derks hier juist mee worstelt. Want het portret van zijn ouders is toch met liefde getekend. Derks slingert heen en weer tussen verwijt en begrip. De zoektocht is voor Derks ook meteen een kritisch zelfonderzoek. Huinder weet deze worsteling (laat op weg naar ‘echte volwassenheid’?) mooi te duiden.
Naar boven

Ontraadselen
Wat in Derks woelt, is misschien ook wel dat hij zijn talenten te weinig heeft benut en zijn verlangens onvoldoende heeft vervuld. Door dit lang volgehouden schaduwbestaan is het voor hem lastig om op latere leeftijd zijn verantwoordelijkheid voor het te gecontroleerde leven dat hij heeft geleid te aanvaarden. Toch komt er een catharsis, een moment waarop het rationele pantser breekt en hij wel rekenschap aflegt. Dat gebeurt laat, maar tamelijk grondig.
Wat neemt Derks nu uiteindelijk ter hand? Het mooie van het boek is: je wordt medereiziger op een persoonlijke ontdekkingsreis. Die is zo complex en onoverzichtelijk dat het je aan het einde nog steeds duizelt. Maar is het raadsel nu ontraadseld? Heeft John Derks antwoord gekregen op alle belangrijke vragen? Misschien wel op enkele kwellende vragen die betrekking hebben op zijn jeugd maar niet op alle ‘vooruitgerichte’ vragen. Het boek gaat over ontraadselen, maar aan het eind weet je het nog niet. Zeker ook omdat de auteur voor de lezer aan het einde nog een verrassende wending in petto heeft.
De zoektocht van Derks moet tot meer houvast leiden. Maar veel houvast geeft het boek echt niet. Deze vreemde paradox is juist het boeiende ervan. Is hij nu klaar voor de liefde en daarmee voor het leven? En is daarmee zijn persoonlijke Gordiaanse knoop ontward? Laat ik het maar onomwonden zeggen: “Ik geloof er niets van, John!” De Sisyfusarbeid voor John Derks is nog maar net begonnen. De verloren jaren zijn nog niet ingehaald. Of kan dat eigenlijk niet? Moet juist die illusie worden losgelaten?
Huinder & Derks. Het was een waagstuk, met alle risico’s van dien. Hoeveel kanttekeningen je er ook bij kunt plaatsen: gezegd moet worden, Chris Huinder heeft een eerste proeve van zijn kunnen laten zien. Nu nog een tweede (auto)biografische roman, maar dan over de weg de hij tussen zijn 20ste en 60ste heeft afgelegd. Ik ben nieuwsgierig naar het vervolg…

Henk Krijnen is strategisch adviseur en publicist
Naar boven

Een gedachte over “Henk Krijnen: overtuigend romandebuut

  1. Pingback: Reacties | Chris Huinder

Uw reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s